Bethelnieuws Maart 2011

Welkom
Omhoog
Grondslag
Diensten
Algemeen
Activiteiten
Trends
Jaar-Agenda
Links

Mino

Deze pagina is voor
het laatst bijgewerkt
op 14-03-11.

Disclaimer

Design & maintenance:
Hunter DataCare.

INLEIDING

'Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus tot goede werken, die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen.' (Ef. 2: 10)

Op het moment dat ik deze inleiding schrijf voor het Bethelnieuws van maart is het 11-02-2011. Gisteravond waren miljoenen Egyptenaren bijeen op een centraal plein in Caïro in de verwachting dat Mubarak zijn aftreden bekend zou maken. Daar waren ze al 17 dagen voor aan het demon-streren. Op zoek naar vrijheid. In navolging van Tunesië waar een korte periode daarvoor eenzelfde scenario zich afspeelde en de leider zijn macht neerlegde.

Maar niet in Egypte. Geheel tegen de verwachting in bleef Mubarak aan en liet hij het volk, en de rest van de wereld, verbijsterd achter. Hoe dit verder zal gaan? We weten het niet ... tenminste, niet precies.

Afgelopen zondag kregen we van de Here God, via onze broeder Van Ommen, heel duidelijk te horen dat de tijd kort is. Dat we in de eindtijd leven en dat we om ons heen kunnen zien dat het einde nadert. Het beste valt dat te zien wanneer we letten op Israël. Dat de situatie in het Midden-Oosten en alles wat daardoor gaat veranderen er toe zal leiden dat Israël helemaal alleen komt te staan, is onvermijdelijk. God heeft het in Zijn woord voorspeld. Daar horen we dus niet vreemd van op te kijken. Al deze dingen moeten gebeuren.

Ik sprak hier, naar aanleiding van de dienst van afgelopen zondag, met een collega over. Ook hij onderkende de situatie. Beiden bemerkten we bij onszelf een gevoel van blijdschap (straks zullen we Hem zien van aangezicht tot aangezicht!), maar ook iets van: wat heeft dat voor gevolgen voor onze houding in het hier en nu?

Je zou maar zo het risico kunnen lopen om achterover te gaan hangen in je stoel en te wachten op het moment van de opname. Dat lijkt me geen goede zaak. Zeker niet gezien het feit dat er nog steeds velen zijn die geen flauw idee hebben van het feit dat ze in de eindtijd leven, velen die nog nooit een persoonlijke keuze hebben gemaakt voor de Here Jezus en hun leven aan Hem hebben toevertrouwd. Velen die dus verloren zouden gaan wanneer de Here nu zou komen om de gemeente tot Zich te voegen!

Toen ik mijn bijbel opende kwam bovenstaande tekst tot me. Wanneer we in ons leven tot erkenning zijn gekomen dat we zondaars zijn en niet vanuit onszelf tot God kunnen komen dan door de Here Jezus en dat hebben aangenomen, is bovenstaande op ons van toepassing. We zijn Zijn maaksel. Een nieuwe schepping. Opnieuw geboren en levend in de Here Jezus. Waartoe? Om te wandelen in de goede werken die God heeft voorbereid. Er staat zelfs: opdat wij daarin zouden wandelen. In mijn beleving laat dat geen vrije keus! We zijn het verplicht aan onze Redder. Niet om door werken gered te worden. Want dat kan niet. Maar een geloof zonder werken is wel dood.

In de context van bovenstaande prikkelde de tekst mij om, levend in de eindtijd, niet te gaan wachten op het einde, maar om elke dag opnieuw in de werken te willen wandelen die God van tevoren bereid heeft. Er is niet veel tijd meer… Wij weten dat we straks bij Hem zullen zijn. Maar wat doet het met ons dat velen dat niet zullen zijn wanneer ze hun leven niet aan Jezus geven? Nu is het nog genadetijd!

Ik hoop dat de tekst u net zo prikkelt. De goede werken zijn al voorbereid. We moeten alleen wel in actie komen. Vanuit een leven dicht bij Hem.

Onderstaande tekst bemoedigde me daarin. Bij alles wat ik doe (in woord of werk) mag (moet!) ik het doen voor en in de naam van de Here Jezus. Uiteindelijk moet alles om Hem draaien.

Ik wens iedereen die prikkeling van de tekst toe, zodat u of jij in beweging komt om mensen bekend te maken met onze Redder die ook hun Redder wil zijn.

Peter de Jongh

'Laat het woord van Christus in rijke mate in u wonen, in alle wijsheid, onderwijs elkaar en wijs elkaar terecht, met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen. Zing voor de Heere met dank in uw hart. En alles wat u doet met woorden of werken, doe dat alles in de Naam van de Here Jezus, terwijl u God en de Vader dankt door Hem.” (Colossenzen 3:16 en 17)

VAN DE SECRETARIS

Op 25 januari 2011 heeft de broederraad weer gezamenlijk overleg gehad over diverse zaken die onze gemeente aangaan. In deze vergadering zijn ondermeer de volgende zaken aan de orde geweest:

bullet

Voorbereiding op de ledenvergadering.

bullet

De taakverdelingen binnen de broederraad en de vervanging van enkele broeders die hun functie binnen de broederraad hebben neergelegd.

bullet

Het initiatief om op zondagavond een 18+ groep te starten.

bullet

De invulling van de zendingsdag op 27 februari.

bullet

De evaluatie en afronding van de Alpha cursus.

bullet

De invulling van enkele spreekbeurten.

Gemeentegids:

bullet

Br. R.J. Paalman heeft het lidmaatschap bij onze gemeente opgezegd. Hij zal DV in juli 2011 trouwen en in Schiedam gaan wonen.

bullet

Fam. F. du Buy is verhuisd. Zoals altijd staan de details op de ledensite.

Met hartelijke broedergroet,
Wim Schuurman.

EEN VERHAAL MET EEN BOODSCHAP

De pastoor en de boomgaard

Een pastoor had een boomgaard met heerlijke appels. Maar ieder jaar raakte hij een groot deel van de oogst kwijt. Kwajongens klommen over de schutting en jatten zijn appels. Wat hij ook deed, het hielp allemaal niets.
Op een dag kreeg hij een ingeving. Hij maakte een groot bord met daarop de tekst: “God ziet alles” en zette dat bord in de boomgaard.
Vol spanning controleerde hij de volgende dag zijn voorraad appels. Wéér waren er een flink aantal verdwenen en op het bord stond met hanenpoten erbij geschreven: “Maar Hij verraadt ons niet”.

JEUGD

Ben ik volmaakt?

Ik kan me nog goed herinneren hoe ik was als tiener. Ik woon mijn hele leven al in Kampen en ben opgevoed in een gezin dat naar een Hervormde gemeente ging. Ik werd toen ik jong was door mijn ouders vriendelijk gedwongen naar Catechisatie te gaan. Ik vond het elke maandagavond (ook toevallig op maandagavond) een roof van mijn kostbare tieneruren. Het luisteren naar de dominee zag ik in die tijd als beste middel tegen slapeloosheid. Het leek alsof mensen die voor een groep stonden in christelijke kringen zelf een super heilig leven leidden. Dat was mijn beeld van tienerleiders en dominees. Ze wisten het allemaal zo goed en konden dat allemaal op een hele mooie manier brengen.

Deze gedachte bleef ook nog hangen toen ik mijn tienertijdperk achter me liet en me bevond in evangelische kringen met voorgangers. De ene voorganger had voor mijn gevoel een nog rooskleuriger beeld van christen-zijn dan de ander. Ook toen bemerkte ik bij mezelf de gedachte: “Mooie speech, maar in hoeverre leef je zelf zo?”. Totdat God mij wakker schudde en ik ontdekte dat dit niet lag aan de manier van verkondiging van tienerleiders of van voorgangers. Ik stond gewoon zelf erg sceptisch tegenover zaken die mij zelf zo lastig afgingen. Ik ben niet volmaakt en creëerde een soort jaloezie naar mensen die zo overduidelijk Gods leiding ergens in zagen. Als voorgangers over vertrouwen spraken, wist ik dat ik in veel situaties teveel op mezelf vertrouwde. Als er over bidden gesproken werd, bemerkte ik dat ik te weinig tijd vrijmaakte voor God. Als het thema ‘geloof’ aan bod kwam, wist ik dat ik het heel lastig vond om te geloven dat God écht alles kan. Als er over Bijbellezen verteld werd, wist ik dat het die week maar één keer voorgekomen was dat ik de Bijbel uit mezelf pakte. En weer de gedachte: “Mooie speech, maar in hoeverre doe je dat zelf?”. En daar kwam het antwoord. Nee, Wouter, deze vraag wordt aan jou gesteld! Deze vraag stelt God aan jou! Niet de vraag terugstellen.

En nu, enige tijd later, ben ik zelf tienerleider. Nu ben ik zelf de persoon die voor de groep staat. En nu weet ik dat er ongetwijfeld sommige tieners naar me kijken als ik daar sta en denken: “Mooie speech, Wout, maar in hoeverre leef je zelf zo?”. Nou, gasten, hier is mijn antwoord. Ook ik ben een mens van vlees en bloed. Ook ik maak fouten en moet elke dag leren van datgene wat God op mijn pad brengt. Ik ben er daarom ook niet om mezelf te verkondigen, maar om te vertellen over hoe God in Zijn woord ons aanspoort op Zijn Zoon, Jezus Christus te gaan lijken. En het mooie is dat wij elkaar daartoe mogen aansporen. Ik (en de andere tienerleiders) ben er om sámen met jullie te ontdekken wat God van ons vraagt in Zijn woord. Als we, zoals nu, het thema ‘Discipelschap’ behandelen kunnen wij daar allemaal van leren. Zowel wij, als tienerleiders en jullie, als tieners.

Dus mocht je niet meer naar de jeugd gaan omdat je denkt niet te kunnen voldoen aan een leven als ‘volmaakt christen’: Join the club … we zijn er om van elkaar te leren. De voorgangers zijn er om ons als gemeente van Christus aan te sporen en te bemoedigen, ondanks de fouten die ook voorgangers zelf maken. Ze zijn een instrument in Gods handen, maar ze zijn niet volmaakt. Tienerleiders zijn er om tieners aan te sporen en te bemoedigen, ondanks de onvolmaaktheid van tienerleiders zelf. Zoals Christus mensen vraagt en aanspoort de samenkomsten in de gemeente te bezoeken om elkaar op te bouwen en te horen uit Zijn woord, zo wil ik jullie, TIENERS, vragen en aansporen te komen naar de maandagavondjeugd. Ook als je er nog nooit geweest bent! Voldoe je aan dit profiel:

bullet

Ik weet niet álles over God

bullet

Ik weet niet goed hoe ik me op moet stellen naar mijn vrienden, vriendinnen.

bullet

Ik ben niet perfect of volmaakt.

bullet

etc.

Be welcome. Tot maandagavond, 19:30 in Rafidim.

Gods rijke zegen,
Wouter Lindeboom.

WAAROM DOE JIJ DE DINGEN DIE JE DOET?

(Dit artikel heeft in het tijdschrift Groei gestaan (2007-2) en vormde de basis van een lezing gehouden tijdens een pastorale avond voor de mensen die binnen Bethel pastorale verantwoordelijkheid hebben)

Gezonde kwetsbaarheid tonen valt niet mee. Regelmatige zelfreflectie is nodig om de ware motieven achter je gedrag, te ontdekken. Om balans te vinden in geven en nemen, in doen en zijn, is het belangrijk jezelf vragen te stellen.

Dit is een mooie theorie, maar de praktijk neigt mij ertoe het tegenovergestelde te doen. Ik herken me in dat opzicht in de uitspraak van Paulus uit Romeinen 7:19: "Wat ik wens doe ik niet, en wat ik niet wens dat doe ik." Wanneer het te eng wordt sluit ik de luiken van mijn ziel, mijn binnenkant scherm ik dan af voor de dreigende buitenwereld. Maar deze bescherming maakt ook dat niets en niemand meer binnenkomt, alleen nog de ijzige kou van eenzaamheid. Dat wil ik niet, want ik ben volgens Genesis 2:18 gemaakt en bestemd voor de omgang met mensen.

De ander en ik

Onze persoonlijkheid mag zich ontwikkelen. Waardering en acceptatie zijn daarbij broodnodige vitaminen in die groei naar en in volwassenheid. Een heel normale behoefte dus. Wanneer mijn vrouw mij niet regelmatig laat weten dat ze van mij houdt is de kans groot dat we uit elkaar groeien, en dat onze relatie opdroogt. Toch is er een grens aan dat verlangen. Wanneer je er alles aan doet om het mensen naar hun zin te maken in de hoop daarvoor iets terug te ontvangen of dat mensen jou ontzien, is de kans groot dat je bewegingsvrijheid verliest. Dit gedrag wordt gevoed door de gedachte dat het gedrag de menswaarde bepaalt. Bijvoorbeeld: doe ik goed dan ben ik goed, doe ik fout dan ben ik fout. Een dergelijk leven brengt je in de slavernij. Je wordt dan slaaf van de ander en de druk vanuit je omgeving. Maar deze vorm van slavernij belemmert je groei, terwijl Jezus juist wil dat we (geestelijk) groeien, en dat kan niet zonder dat je daarbij leert om grenzen aan te geven. Maar hoe doe je dat dan?

Grenzen

Nu suggereert de vraag ‘hoe dan?’ het bestaan van een methode waardoor dit leven met grenzen binnen handbereik ligt, maar niets is minder waar.
Sinds de zondeval heeft de mens behoefte aan controle, hij wil grip op zijn leven hebben en houden. Een methode, stappenplan of protocol lijkt daarbij een uitkomst, ook als het gaat om kwetsbaar leren zijn. Maar kwetsbaarheid is een levensstijl, en niet het aanleren en toepassen van kunstjes. Elk mens krijgt van de Here God een heel leven om, in afhankelijkheid van hem, zich dat als levensstijl eigen te maken. Grenzen stellen is daarbij het sleutelwoord.

Voor een gezonde en evenwichtige levensstijl is het belangrijk grenzen te hebben. Een grens in relaties is daarbij persoonlijk gekleurd. Het is nodig om het unieke, persoonlijke leven met de daarin gelegen taken en de daarbij horende persoonlijke verantwoordelijkheid af te bakenen. Zonder grenzen kun je geen stabiele relaties aangaan. De juiste (groei)richting in het volwassen worden is dan vertroebeld omdat je steeds naar verschillende kanten wordt getrokken.

Waar mensen samen leven zijn confrontaties, meningsverschillen en irritaties onvermijdelijk. Ik merk dat ik (en velen met mij) liever harmonie ervaar en de neiging heb conflictachtige situaties uit de weg te gaan. Ik ben bang voor het conflict, voor de afwijzing of voor de eenzaamheid. Ik wil mezelf sparen. Maar dit sparen levert mij meer eenzaamheid op. Zo’n ‘doen alsof leven’ maakt dat mensen mij waarderen om mijn gespeelde ik, en niet om wie ik echt ben, met als resultaat dat ik alleen blijf. Hoe ver laat jij het gaan?

Balans

In Lucas 10:30-35 staat de geschiedenis beschreven van de barmhartige Samaritaan. Dit Bijbelgedeelte heeft mij geholpen wat meer zicht te krijgen op het kwetsbaar zijn, op het feit dat ik grenzen mag stellen en dat grenzen stellen juist kwetsbaarheid in balans houdt. Dat ik ook mag leren de ontdekte principes dagelijks toe te passen, want er bestaat vaak een kloof tussen weten en doen… luister maar naar Jezus’ woorden:

“Een zeker mens daalde af van Jeruzalem naar Jericho en viel in de handen van rovers, die hem niet alleen uitschudden, maar ook slagen gaven en weg gingen, terwijl ze hem halfdood lieten liggen. Bij geval daalde een priester af langs die weg; en deze zag hem, doch ging aan de overzijde voorbij. Evenzo ging ook een Leviet langs die plaats, en hij zag hem en ging aan de overzijde voorbij. Doch een Samaritaan, die op reis was, kwam in zijn nabijheid, en toen hij hem zag werd hij met ontferming bewogen. En hij ging naar hem toe, verbond zijn wonden, goot er olie en wijn op; en hij zette hem op zijn eigen rijdier, bracht hem naar een herberg en verzorgde hem. En de volgende dag stelde hij de waard twee schellingen ter hand en zeide: Verzorg hem en mocht gij meer kosten hebben, dan zal ik ze u vergoeden, op mijn terugreis.” 

Nu gaat het mij in deze geschiedenis niet zozeer om de vraag die Jezus achteraf stelt: ‘Wie is uw naaste?’ Het gaat mij om de grenzen die de barmhartige Samaritaan in zijn kwetsbaarheid laat zien.

De eerste grens

Hij was onderweg om zaken te doen en kwam tijdens zijn tocht deze gewonde man tegen. Hij liep niet met een boog om hem heen, maar hielp de man vanuit zijn verantwoordelijkheidsgevoel en kwetsbaarheid. Hij verzorgde de man en legde hem op een ezel. Dit is de eerste grens. Hij nam hem niet zelf op zijn rug, maar kende zijn beperkingen: hij zou dat nooit vol hebben gehouden. Wanneer hij dat wel had gedaan, waren ze misschien wel te laat bij de herberg aangekomen.

De tweede grens

Op de rug van de ezel brengt hij hem naar een herberg, legt hem daar neer en geeft vervolgens de zorg over aan de herbergier. Weer een grens. Hij geeft de herbergier de middelen om hem te kunnen verzorgen. De zorg wordt gedelegeerd.

Grenzen stellen is nodig om echt iets te kunnen betekenen voor anderen. Door nee te zeggen, geef je ook de ander de ruimte om iets te kunnen doen. Je onderkent je mogelijkheden en je beperkingen. Je houdt ruimte voor je eigenlijke taak en je bent niet afhankelijk van de gedachte dat je alles moet doen om geliefd te zijn.

Slaaf of vrij?

Toch wil ik bij het stellen van grenzen een aantekening maken. Er zijn ook mensen die grenzen stellen om het zichzelf gemakkelijk te maken, of om ergens onderuit te komen. Maar deze houding heeft niets te maken met groei en kwetsbaarheid in relaties. De juiste grenzen ontdek je door je motieven elke keer weer te onderzoeken. Waarom wil je iets wel of niet doen? Heeft het met angst voor confrontatie te maken of is er sprake van schuldgevoelens? Heeft het met luiheid te maken? Of stel je grenzen omdat je wilt ontdekken welke verantwoordelijkheden je in je leven hebt gekregen en waar begrenzing nodig is?

Ik denk nu aan een voorbeeld uit de periode toen ik supervisie had voor mijn opleiding als maatschappelijk werker. Ik moest mijn plan en mijn leerdoelen inleveren. De supervisor las het geheel en sprak haar bewondering uit voor het degelijke stuk. Mijn reactie was: “Oh, dat stelt niets voor, ik heb dat even in een kwartiertje geschreven.” Het resultaat was verrassend want ze werd heel boos. Ik snapte daar niets van, want ik dacht dat ik heel open en nederig was geweest. Maar zij legde uit: “Jij maakt jezelf zo klein dat ik niet meer bij jou kan komen. Wanneer ik commentaar zou hebben, zou je kunnen zeggen: ‘dat zei ik toch net!”
Ze had gelijk: ik wilde eigenlijk niet verantwoordelijk zijn, ik was bang voor de afwijzing. Ik ging als het ware al op de rug liggen, want een ‘hond op de rug sla je niet’ Me verontschuldigen zodat ik niet schuldig gemaakt kon worden! Op deze wijze gebruik ik kwetsbaarheid om onder mijn verantwoordelijkheid uit te komen.

Cliënten vertellen me geregeld hoe moeilijk het is om kwetsbaar te zijn. Ze proberen het wel maar het bevredigt niet. Het is een openheid die meer lijkt op emotioneel exhibitionisme: een vorm van kwetsbaar zijn die te maken heeft met de gedachte ‘als ik dat en dat nu maar zeg, accepteren ze me wel en dan kan ik mijzelf ook weer accepteren’. Meestal leidt dit tot geestelijke beschadigingen en ontstaat er onenigheid, verdeeldheid en vijandigheid. Als gevolg van deze houding sta je niet open voor correctie. Je probeert je verantwoordelijkheid te ontlopen.

bullet

De zondeval en de gebrokenheid in deze wereld hebben ervoor gezorgd, dat we zelfbescherming nodig hebben. Ik denk dat er drie aspecten centraal staan wanneer we het kwetsbaar zijn in balans weten te houden: Je doet wat je zegt: jouw binnenkant en jouw buitenkant lijken op elkaar. Dat betekent geen woorden zonder daden. Als je blij bent laat je je blijheid zien, als je verdrietig bent laat je verdriet zien. En: je durft je eigen stelling te verlaten, zonder bang te zijn je eigenheid te verliezen. Je erkent daarbij dat ‘jouw waarheid’ een mening is, en dus subjectief en betrekkelijk.

bullet

In het kwetsbaar willen zijn staan God en de ander centraal. Leven in het centrum van Gods wil is het centrale uitgangspunt als het gaat om kwetsbaar leven, dan ben je in staat om met de ander om te gaan op basis van gelijkwaardigheid. Het gaat hierbij telkens om het kennen van de persoon in plaats van om het krijgen van dingen.

bullet

Kwetsbaar zijn houdt het risico in gekwetst te worden. Daar mag je met je hemelse Vader een weg in vinden.

Ten slotte: kwetsbaar zijn is niet het doel maar een middel op weg naar volwassenheid. Zij leidt niet naar oppervlakkigheid (het sparen van de geit en de kool), of ik wil gelijk hebben (hete hoofden koude harten), maar naar groei van je persoon, groei naar elkaar en naar God.

Bijbellezensuggestie: Ester 4

Om over na te denken/gespreksvragen:

  1. Welke gedachten komen er bij je op bij het woord kwetsbaar?

  2. Durf je kwetsbaar te zijn, en wat/wie heb je nodig om je kwetsbaar te kunnen opstellen? Wat weerhoudt je om kwetsbaar te zijn?

  3. Wat kunnen we van koningin Ester (Ester 4) leren als het gaat om kwetsbaarheid?

Bert Reinds

VAN DE ZONDAGSSCHOOL

Lieve gemeente,

Het is tijd voor groep twee om iets te vertellen over onze groep en het lesprogramma. In onze groep zitten nu 15 kinderen en daarmee is dit de grootste groep van de zondagsschool. En het is een gezellige club!

Dit seizoen zijn wij met één van de boeken van Stichting Parel bezig. Dit boek gaat over Gideon, Simson en Ruth; helden uit de Bijbel. Maar dat waren ze niet van zichzelf, ze ontvingen kracht en hulp van de Here God!

Wij hebben in de eerste les geleerd dat God alles heeft gedaan wat Hij beloofd heeft aan zijn volk. Vergeet niet dat er maar één God is, en blijf heel dicht bij God. De tekst die wij toen hebben geleerd was: ‘Ja, wij zullen alleen de Here dienen en gehoorzamen’ (Jozua 24:24).

In de lessen van Gideon hebben we geleerd dat wij niet bang hoeven te zijn. Gideon was ook bang toen God hem riep en toen hij de Midjanieten moest verslaan, maar hij hoefde bang te zijn want God was bij hem. Dit staat in Jesaja 41:10a: ‘Wees niet bevreesd, want Ik ben met u’.

In de lessen van Simson hebben we gezien dat hij heel bijzonder is en een aantal dingen van God niet mag. Hij mag in zijn hele leven nooit wijn drinken en zijn haar mag nooit geknipt worden. God heeft een plan met zijn leven. Wij zijn ook bijzonder en God heeft ook een plan met ons leven. Hij heeft ons gemaakt met een doel. Wil je doen wat Hij van je vraagt? Soms is dat een lastige vraag.

Nu zijn wij begonnen met de reeks lessen over Ruth. Ook in deze lessen zullen we verhalen horen, Bijbelteksten leren en leuke werkjes maken of spelletjes doen.

Pasen komt er weer aan en deze maand gaat de hele zondagsschool daar weer mee aan de slag. Wij zullen in deze maand cadeautjes gaan maken en liedjes oefenen voor de mensen waar wij op eerste paasdag gaan zingen.

Ouders, bedankt voor jullie medewerking. Als de ouders niet proberen dat hun kinderen naar de zondagsschool gaan, dan hebben wij ook geen kinderen in onze groep. Wij proberen met de hulp van onze God de blijde boodschap aan de kinderen door te geven, dat zij in hun jonge leeftijd dicht bij Hem (blijven) leven. Net zoals wij in onze lessen hebben geleerd.

Met vriendelijk groet van
Groep 2 van de zondagsschool.

Terug